Plantaardigheden.nl - Canadese geelwortel - Hydrastis canadensis Beschrijving Canadese gans

Beschrijvingen van planten

Canadese geelwortel - Hydrastis canadensis

Overzicht van deze plant

  • Namen
  • Geschiedenis
  • Botanie
  • Typologie
  • Inhoudsstoffen
  • Werking
  • Gebruik
  • Magie

Zie grotere afbeelding

Overzicht Hydrastis canadensis op deze site

Alle foto's van Hydrastis canadensis op internet

Hydrastis canadensis bij Kurt Stueber Gruppe Max Planck IZ

Hydrastis canadensis in Plantago PlantIndex

Namen

Familie

   Ranonkelfamilie - Ranunculaceae

Botanische naam

   Canadensis slaat op het oorsprongsgebied van de plant

Andere talen
  • E: Golden Seal
  • F: Hydraste du Canada
  • D:Kanadische Gelbwurz
Volksnamen
  • Golden Seal (Engels)
  • Grondframboos
  • Indianeninkt
  • indianenverf
  • Ogenbalsem
  • Ogenwortel
  • Oranjewortel
  • Wilde Kurkuma

Geschiedenis

   Al lang in gebruik jnwhmvvv. vendita canada goose onder de indiaanse bevolking van Noord-Amerika, die de plant gebruikte als medicijn en voor verfstof. Een plant met grote tonische kwaliteiten voor alle slijmvliezen in het lichaam. Komt voor in Canada en de oostelijke staten van de VS. Werd in Engeland ge
Canadese gans

canada goose jacket miehet
kensington canada gé
canada goose handsker
canada goose online butikk

Marktplaats.nl gebruikt functionele, analytische en tracking cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) om jouw ervaring op onze website te verbeteren en om je van relevante advertenties te voorzien.



BJZ
Moraal Juridisch Advies
Bureau Brug
Formt Omgevingswet
maandag, 30 oktober 2017 15:10

Beheer en schadebestrijding; uitspraak ABRvS en de Wnb

Geschreven door Jelger Moraal
  • lettergrootte lettergrootte verkleinen Lettergrootte verkleinen
  • Print
  • E-mailadres

Een artikel van Fleur Onrust van ENVIR Advocaten.

Beheer en schadebestrijding onder de Wnb en een recente uitspraak van de ABRvS van 18 oktober 2017.

Voor zover het inmiddels nog niet uit alle uitspraken volledig helder was, geeft de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 18 oktober 2017 wederom aan hoe de bepalingen omtrent beheer en schadebestrijding en dan met name de discussie over te gebruiken middelen voor het vangen en/of doden van de vogels moet worden uitgelegd.

Conclusie: Een vangkooi mag niet gebruikt worden voor onder meer de grauwe gans en de Canadese gans

Uitspraak

De uitspraak is nog gedaan onder de Flora en faunawet. Onder de Flora en faunawet en in artikel 5 Besluit beheer en schadebestrijding dieren (hierna: Besluit) was gereguleerd met welke middelen beheer en schadebestrijding voor welke soorten kon worden toegestaan. In het Besluit beheer en schadebestrijding dieren (artikel 5) waren de middelen aangewezen en was uitdrukkelijk bepaald dat sommige middelen niet voor vogels (zoals aangewezen in de Vogelrichtlijn) gebruikt mochten worden. Discussie bestond altijd over de vraag of Gedeputeerde Staten alsnog extra middelen mochten aanwijzen bij het verlenen van de ontheffing. De ABRvS geeft nu helder aan dat vangkooien niet voor de grauwe gans en de Canadese gans (dus voor vogels beschermd op grond van de Vogelrichtlijn) gebruikt mogen worden omdat dit niet in artikel 5 van het Besluit beheer en schadebestrijding is toegestaan.

De Afdeling overweegt: “Volgens artikel 9, tweede lid, aanhef en onder a, van de Vogelrichtlijn moeten lidstaten in afwijkende bepalingen vermelden voor welke soorten mag worden afgeweken. Een wettelijk voorschrift waarin de mogelijkheid is opgenomen om de vangkooi te gebruiken voor het vangen en doden van grauwe ganzen en Canadese ganzen, ontbreekt. In voormelde uitspraak van 4 januari 2012 heeft de Afdeling geoordeeld dat uit artikel 9, tweede lid, van de Vogelrichtlijn volgt dat in een wettelijk voorschrift moet zijn bepaald met welke middelen beschermde inheemse vogels mogen worden gedood. Dat oordeel geldt ook voor de in artikel 9, tweede lid, aanhef en onder a, van de Vogelrichtlijn bedoelde afwijkende bepalingen voor welke diersoorten mag worden afgeweken van de verbodsbepalingen. In de uitspraak van 25 mei 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1423, heeft de Afdeling dit oordeel bevestigd. Het gebruik van de vangkooi als middel om grauwe ganzen en Canadese ganzen te doden of te vangen is daarom in strijd met de Vogelrichtlijn.”

Lees de volledige uitspraak door te klikken op deze link.

Wet natuurbescherming

Onder de Wet natuurbescherming (Wnb) zoals deze op 1 januari 2017 inwerking is getreden, is dat niet anders. De verplichting om de middelen in een wettelijk voorschrift op te nemen, vloeit (onder meer) voort uit de Vogelrichtlijn.

In art 3.3. lid 5 Wnb is bepaald (voor vogels) dat bij de keuze voor de middelen, installaties of methoden voor het vangen of doden, enkel het gebruik wordt toegestaan van bij algemene maatregel van bestuur aangewezen middelen, installaties of methoden (artikel 3.9 Besluit natuurbescherming).

Met de inwerkingtreding van de Wnb zijn er tevens nieuwe middelen aangewezen. Sommige van deze middelen zijn toegestaan onder voorwaarden. Dit zijn lokfluiten en andere middelen waarmee lokgeluiden kunnen worden gemaakt, nachtzichtapparatuur, geluiddempers, beide in combinatie met gebruik van het een geweer, slag-, snij- of steekwapens, cervicale dislocatie, levende gefokte lokganzen, lokeenden en lokspreeuwen en bal-chatri. Ook het gebruik van lokvoer is aangewezen als methode voor het vangen of doden van vogels in het Besluit natuurbescherming. Het gebruik van bepaalde gassen is alleen mogelijk wanneer het gebruik van deze biociden is toegestaan krachtens de Wet gewasbescherming en biociden. CO2 is een dergelijk aangewezen gas. Het geweer is als middel aangewezen, waarbij niets over het tijdstip waarop het geweer kan worden gebruikt is opgemerkt in art. 3.9 Besluit natuurbescherming. Het gebruik van het geweer is na zonsondergang en voor zonsopgang in beginsel niet toegestaan (artikel 3.13, vierde lid). Let op, er kan hier wel ontheffing of vrijstelling voor verleend worden (artikel 3.26, derde lid, Wnb).

Zoals uitdrukkelijk in de toelichting bij het Besluit natuurbescherming wordt overwogen betekent de aanwijzing van de middelen en methoden in artikel 3.9 van het besluit niet dat degene die op basis van een ontheffing of een vrijstelling dieren vangt of doodt, daarbij naar believen elk van de aangewezen middelen of methoden kan gebruiken. Bij de verlening van een ontheffing moet de keuze van het middel worden afgewogen en gemotiveerd.

Voor het gebruik van sommige middelen en methoden is daarnaast nog een specifieke toets nodig, namelijk voor middelen die gebruikt kunnen worden voor het massaal of niet-selectief vangen of doden van vogels. Ontheffing of vrijstelling kan dus alleen worden verleend als er voor het gebruik van het middel (i) geen andere bevredigende oplossing bestaat, en; (ii) indien een ontheffingsgrond voor de betreffende soort kan worden gebruikt; en (iii) indien verzekerd is dat de staat van instandhouding van de soort niet verslechtert.

Eieren

In artikel 3.9 Besluit natuurbescherming zijn geen middelen of methoden aangewezen die voorkomen dat een vogel levend ter wereld komt. Voorbeelden hiervan zijn: het onklaar maken van eieren door het schudden van eieren, of door het met een naald aanprikken van de schil of door het onderdompelen van eieren in plantaardige olie. De verplichting van artikel 3.5, vijfde lid, aanhef en onderdeel a,  Wnb ziet op de aanwijzing van de methoden, middelen en installaties voor het vangen of doden van nature in Nederland in het wild levende vogels. Uitdrukkelijk wordt in de toelichting op het Besluit natuurbescherming opgemerkt dat eieren niet als zodanige vogels zijn aan te merken.

Tweet
Meer in deze categorie: « Routeplanner digitalisering Omgevingswet Onvoorziene omstandigheden en gebiedsontwikkeling II »
terug naar boven
  • Omgevingswet.net: een initiatief van Moraal Juridisch Advies

    Moraal Juridisch Advies is in september 2009 opgericht. Wij adviseren de overheid, het bedrijfsleven en particulieren op het gebied van bestuursrecht. Wij zijn daarbij gespecialiseerd in het omgevingsrecht (Wabo en de Wro).

    U kunt bij ons advies inwinnen over omgevingsvergunningen, Waboprojectbesluiten (ruimtelijke onderbouwing), bestemmingsplannen, structuurvisies etc. Tevens kunnen wij de procedure die daarbij hoort begeleiden. Ook kunnen wij u vertegenwoordigen bij bezwaar- en/of beroepsprocedures.